Bookbot

Myne Beslommerde Boedel

brieven in ballingschap 1787-1788

Parameter

  • 288 Seiten
  • 11 Lesestunden

Mehr zum Buch

De brieven in Myne Beslommerde Boedel zijn in 1787 en 1788 geschreven, maar hebben een actuele inhoud: een plotselinge vlucht om politieke redenen en de lotgevallen van een asielzoekend gezin. Dat de brieven zijn geschreven vanuit het perspectief van een achttiende-eeuwse vrouw, bepaalt mede hun bijzondere karakter. Emilie Fijnje vertelt met humor over haar reiservaringen en het verblijf in Antwerpen, Brussel en Noord-Frankrijk. Daarnaast schrijft ze treffend over veel leed: verlies van geld en goederen, de dood van een kind binnen enkele dagen na de geboorte, ziekte en kwalen die uiteindelijk haar overlijden tot gevolg hebben kort voor haar veertigste verjaardag. Haar dood en begrafenis worden door haar man Wybo beschreven in twee brieven die eveneens in deze uitgave zijn opgenomen. Andere onderwerpen zijn kleding, huisraad, meubels, huizenbezit en hypotheken, het onderwijs aan de kinderen, lief en leed van het gezinsleven en de familiebanden, omgang met vrienden, de huishouding en het personeel, het beroep van uitgever en drukker.

Buchkauf

Myne Beslommerde Boedel, Emilie Fijnje-Luzac

Sprache
Erscheinungsdatum
2003
Einband
(Paperback)
Wir benachrichtigen dich per E-Mail.

Lieferung

  • Gratis Versand ab 14,99 € in ganz Österreich! Mehr Infos.

Zahlungsmethoden

Keiner hat bisher bewertet.

Titel
Myne Beslommerde Boedel
Untertitel
brieven in ballingschap 1787-1788
Sprache
Niederländisch
Verlag
Vantilt
Erscheinungsdatum
2003
Einband
Paperback
Seitenzahl
288
ISBN10
9077503013
ISBN13
9789077503010
Reihe
Schlagwörter
Niederlande
Beschreibung
De brieven in Myne Beslommerde Boedel zijn in 1787 en 1788 geschreven, maar hebben een actuele inhoud: een plotselinge vlucht om politieke redenen en de lotgevallen van een asielzoekend gezin. Dat de brieven zijn geschreven vanuit het perspectief van een achttiende-eeuwse vrouw, bepaalt mede hun bijzondere karakter. Emilie Fijnje vertelt met humor over haar reiservaringen en het verblijf in Antwerpen, Brussel en Noord-Frankrijk. Daarnaast schrijft ze treffend over veel leed: verlies van geld en goederen, de dood van een kind binnen enkele dagen na de geboorte, ziekte en kwalen die uiteindelijk haar overlijden tot gevolg hebben kort voor haar veertigste verjaardag. Haar dood en begrafenis worden door haar man Wybo beschreven in twee brieven die eveneens in deze uitgave zijn opgenomen. Andere onderwerpen zijn kleding, huisraad, meubels, huizenbezit en hypotheken, het onderwijs aan de kinderen, lief en leed van het gezinsleven en de familiebanden, omgang met vrienden, de huishouding en het personeel, het beroep van uitgever en drukker.