
Mehr zum Buch
'De neef van Wittgenstein' (uit 1982) maakt deel uit van een reeks autobiografische vertellingen, die Thomas Bernhard in 1975 startte met de roman 'De oorzaak'. In 1967 ligt de schrijver ernstig ziek op de longafdeling terwijl op een paar honderd meter afstand zijn oude vriend Paul Wittgenstein in de krankzinnigenafdeling zit. Het boek over hun vriendschap is tevens een stervensgeschiedenis van twaalf jaar. De schrijver voelt zich met de oudere man mentaal verwant, beiden zijn ze buitenstaanders, vervuld van afkeer jegens de cultuurbarbaren om hen heen. Net als zijn oom Ludwig is Paul een geniale filosoof, zij het dat hij nooit tot enige publikatie komt. Deze geschiedenis van een vriendschap, afgesloten door de eenzame dood van Paul, biedt Bernhard gelegenheid naar hartelust af te geven op de hypocrisie van de gezonden, op de geliefde stad Wenen evengoed als op het verfoeide platteland, waar hij door zijn longziekte gedwongen is te leven, op de toneelwereld en natuurlijk heel Oostenrijk. Bernhard in zijn element in een van zijn sterkste boeken. (Biblion recensie, J.F. Vogelaar.)
Buchkauf
De neef van Wittgenstein, Thomas Bernhard
- Sprache
- Erscheinungsdatum
- 1992
- Einband
- (Paperback)
Hier könnte deine Bewertung stehen.
- Titel
- De neef van Wittgenstein
- Untertitel
- een vriendschap
- Autor*innen
- Thomas Bernhard
- Verlag
- de Prom
- Erscheinungsdatum
- 1992
- Einband
- Paperback
- Seitenzahl
- 116
- ISBN10
- 9068013009
- ISBN13
- 9789068013009
- Reihe
- Kategorien
- Schlagwörter
- Historisches Thema, Philosophisches Thema, Deutsche Literatur, 20. Jahrhundert, Österreichische Literatur
- Erstveröffentlichung
- 1982
- Originaltitel
- Wittgensteins Neffe
- Bewertung
- 4,1 von 5 Sternen
- Beschreibung
- 'De neef van Wittgenstein' (uit 1982) maakt deel uit van een reeks autobiografische vertellingen, die Thomas Bernhard in 1975 startte met de roman 'De oorzaak'. In 1967 ligt de schrijver ernstig ziek op de longafdeling terwijl op een paar honderd meter afstand zijn oude vriend Paul Wittgenstein in de krankzinnigenafdeling zit. Het boek over hun vriendschap is tevens een stervensgeschiedenis van twaalf jaar. De schrijver voelt zich met de oudere man mentaal verwant, beiden zijn ze buitenstaanders, vervuld van afkeer jegens de cultuurbarbaren om hen heen. Net als zijn oom Ludwig is Paul een geniale filosoof, zij het dat hij nooit tot enige publikatie komt. Deze geschiedenis van een vriendschap, afgesloten door de eenzame dood van Paul, biedt Bernhard gelegenheid naar hartelust af te geven op de hypocrisie van de gezonden, op de geliefde stad Wenen evengoed als op het verfoeide platteland, waar hij door zijn longziekte gedwongen is te leven, op de toneelwereld en natuurlijk heel Oostenrijk. Bernhard in zijn element in een van zijn sterkste boeken. (Biblion recensie, J.F. Vogelaar.)