Voor het stellen van een juiste diagnose is een goede differentiële diagnose gebaseerd op anamnestische gegevens en bevindingen bij lichamelijk onderzoek essentieel. Daarbij is een consequente en systematische benadering noodzakelijk. Dit boek heeft zich vanaf de eerste druk, nu twintig jaar geleden, bewezen als een waardevol hulpmiddel bij dit proces. In deze herziene editie komen opnieuw alle aspecten van de interne geneeskunde aan bod. Veel hoofdstukken zijn herschreven door nieuwe auteurs. Nieuw is dat aan de lever een apart hoofdstuk is gewijd; hetzelfde geldt voor somatisch onverklaarde klachten. Zoveel als mogelijk is gebruik gemaakt van recente richtlijnen en standaarden. In eerdere edities werden het handboek en het compendium apart uitgegeven. In deze vijfde herziene editie is ervoor gekozen tabellen en figuren alleen in het compendium aan te bieden en niet meer in het handboek op te nemen. Zo zijn de beide boeken slechts tezamen te gebruiken en complementair aan elkaar. Differentiële diagnostiek in de interne geneeskunde is bedoeld voor huisartsen, internisten, studenten die co-assistentschappen lopen en voor arts-assistenten in opleiding tot internist of een aanverwant specialisme.
R.O.B. Gans Reihenfolge der Bücher (Chronologisch)


Medische zorgverlening begint altijd met een consult: het contact tussen arts en patiënt, waarbij de patiënt de arts raadpleegt en de arts op basis van het ziektebeeld, het patiëntverhaal en vakkennis tot een diagnose probeert te komen. Het consult vergt meer van de arts dan het verzamelen van gegevens: de arts moet vooral een balans proberen te vinden tussen empathie en professionele distantie. Consultvoering wordt door studenten geneeskunde vaak als lastig ervaren. Tijdens het consult worden het patiëntverhaal en de resultaten van lichamelijk onderzoek in verband gebracht met de kennis van de theorie. Die kennis is echter niet altijd geordend of bruikbaar. Een deskundig en competent uitgevoerd consult verloopt volgens een bepaalde ordening van stappen. Medische consultvoering presenteert een model voor die ordening. Er wordt op gestructureerde wijze aandacht besteed aan het voeren van consulten. Aan de verschillende vormen van patiëntcontact, die soms zijn gericht op het komen tot een differentiële diagnose en soms op het vervolgen van beleid.